Vorige pagina
Technische vragen
Raadsvoorstel vaststellen wijziging omgevingsplan industrie- en bedrijventerreinen
- ID
- 31
- Onderwerp
- Raadsvoorstel vaststellen wijziging omgevingsplan industrie- en bedrijventerreinen
- Agendapunt
-
3 - RAADSCOMMISSIE ALGEMEEN 2026
(8.3. Vaststellen wijziging van het omgevingsplan voor industrie- en bedrijventerreinen)
donderdag 10 september 19:30 tot 22:30
Raadzaal - Vragensteller
-
- M.E. Wieringa (SteM)
- Vraag
- Er wordt gesproken over een ‘geluidsproductieplafond’. Dit geldt per gebied en niet per bedrijf. 1a. Hoe wordt dit in de praktijk gehandhaafd, als meerdere bedrijven kunnen bijdragen aan geluidsoverlast? 1b. Kun je een individueel bedrijf verantwoordelijk houden voor geluidsoverlast en beboeten? Voor onder andere Noord IV wordt gesproken over het bevorderen van ‘de juiste bedrijven op de juiste plek’. Hoe vindt deze afweging plaats en welke criteria worden toegepast bij het toelaten van bedrijven? (denk aan grote stroombehoefte, verkeersbewegingen, geluid en geur i.v.m. afstand tot woonwijken, aantal arbeidsplaatsen) 2. Is het mogelijk om meer informatie te ontvangen over hoe de toelating van bedrijven plaatsvindt (‘het juiste bedrijf op de juiste plek’) in de praktijk? Op Noord IV wil de gemeente compacter gaan bouwen (omdat ruimte schaars is) door onder andere een minimale bouwhoogte voor te schrijven, minder groen op bedrijfskavels en meervoudig ruimtegebruik. 3. Wordt dit ook het beleid voor nog uit te geven kavels op bestaande bedrijventerreinen? 4. Als de gemeente een groter deel van het groen gaat beheren op bedrijventerreinen is er meer grip op kwaliteit, maar worden de kosten ook hoger. In welke mate worden de kosten voor onderhoud van groen op bedrijventerreinen door bedrijven zelf betaald?
- Antwoord
- 1a. Op grond van artikel 5.75f van het Besluit kwaliteit leefomgeving hebben we hiervoor regels moeten opnemen in het omgevingsplan. We hebben voor elk kavel op de industrieterreinen een ‘geluidquotum’ opgenomen in de planregels. Alle geluidquota tezamen sommeren tot de geluidproductieplafonds. Zo kunnen we op de geluidbelasting van elk afzonderlijk bedrijf handhaven en daarmee borgen dat we aan de GPP’s voldoen. 1b. De regels uit het omgevingsplan zijn handhaafbaar. Als een bedrijf haar in de planregels vastgelegde geluidquotum overschrijdt, kan de gemeente handhavend optreden door het opleggen van een last onder dwangsom. 2. Voor Noord III en Noord IV gaan we werken met een uitgifteprotocol. Doel daarvan is om bedrijven met de grootste meerwaarde voor Meppel aan te trekken. Daarbij gaan we op basis van criteria als aantal werknemers, milieu-impact, plaats in het economische plaatje van Meppel e.d. selecteren. Op kleinere schaal is hiermee afgelopen jaren ervaring opgedaan bij de uitgifte van kavels op Blankenstein en Oevers E. Komende periode gaan we met behulp van een dergelijk protocol nog enkele kavels uitgeven op Oevers E en Noord II. 3. Dat wordt niet met dit wijzigingsbesluit van het omgevingsplan geregeld. Waar mogelijk willen we dit wel stimuleren maar op bestaande terreinen is dit ook complexer dan bij nieuwe terreinen waar er nog ruimte is om openbare ruimte, groen en blauw robuust in te richten. 4. Het omgevingsplan is geen beleidsinstrument maar een juridisch kader (soort verordening) waarin de rechten (en plichten) geregeld zijn van wat nu mag voor onder andere bouwen en gebruik. Het wijzigingsbesluit zelf ziet daar niet op toe. We onderzoeken de mogelijkheden om bijvoorbeeld gezamenlijk beheer (parkmanagement) verplicht te stellen op nieuwe bedrijventerreinen. Onderhoud van, delen van het groen, zouden daar dan ook deel van uitmaken. Daarnaast betalen bedrijven natuurlijk ook gemeentelijke belastingen.
- Deadline
- Deadline
- 10-09-2026
- Beantwoord
- Beantwoord
- Bijlage(s)